Kerknieuws
Gereformeerde Gezindte
Openingspagina
Boekbespreking
Foto's
Persoonlijk
Kerkbodes
Spreuk van de week
Overig
Ware gebeurtenissen
Kerkelijk leven
Jongerenrubriek
Muzikale pagina + agenda
Columns
Links
Uw aandacht voor:
Interviews
Contact
Interviews
Interview Gezinsgids donderdag 4 september 2014  Copyright GezinsGids




Meer dan duizend belangstellenden krijgen wekelijks een e-mail met interkerkelijk kerknieuws en bezinnende artikelen,
overgenomen uit diverse bladen. Want zodra Marius van der Valk (46) uit Papendrecht iets leest wat hem persoonlijk
aanspreekt, deelt hij dat met anderen. „We moeten over kerkmuren heenkijken.”
„Ik ben al van jongs af aan geïnteresseerd in kerknieuws. Op mijn vijftiende pakte ik al kerkbodes uit de doos
met oud papier om die te lezen. Met welk doel? Betrokkenheid op het wel en wee van de kerken en van de mensen. Ik verdiepte
me in alles wat met het kerkelijke leven en de predikantenwereld te maken had, maar ik hoopte ook wel te lezen wat God te vertellen
had. Ja, op m’n vijftiende was ik zondagsschoolmeester en stond ik al Bijbelse verhalen te vertellen.
Ik las onder andere de Veluwse kerkbode, soms ook de ellenlange artikelen van een man als dominee A. Kort. Ik vond het
mooi als zo’n artikel weer eens werd besloten met de opmerking ‘Uw Kort schreef lang’.
Prachtig!” zo legt Marius zijn achtergrond en voorliefde voor kerkzaken uit.
Ongeluk
De geboren Flakkeënaar heeft het in zijn leven niet gemakkelijk gehad. Nog geen twintig jaar oud overkomt hem een ongeluk
met een brommer, waarvan de behandeling levenslange gevolgen heeft. „Niet eens het ongeluk zelf, maar de operatie erna, zo
hebben later deskundigen bevestigd, is fataal geweest voor de spieren en zenuwen in mijn been. Een gebroken bovenbeen zorgde
ervoor dat artsen mijn been wilden fixeren en zo kreeg ik er een stellage omheen. Toen ik daar eenmaal uit ‘verlost’ was, bleek ik een
soort klapvoet te hebben en kon ik die dus nauwelijks meer bewegen. Bij de operatie die daarop volgde, ging het mis. Naar nu blijkt,
deed zich een grote zenuwblokkade voor. In het ziekenhuis te Dirksland had men daar in eerste instantie geen erg in en heeft men dit
altijd ontkend. Er zouden later nog enkele operaties volgen, maar mijn werk uitvoeren als postbode kan ik nu niet meer. Ik heb het
nog lang kunnen doen, maar sinds het laatste jaar zit ik thuis, vanwege een operatie in november 2013. Ik heb toen opnieuw nieuwe
achterste kniebanden gekregen. Ach, het is door een wonder dat ik (nog) niet in een rolstoel ben gekomen. Dat ik weer werk had,
was al heel wat,” vertelt hij.
Hobby
Alhoewel Marius na de LEAO voor richting de verkoop koos en eigen baas wilde worden, werd dat het niet.
De Papendrechter: „Ik studeerde, vanwege innerlijke drang, vanaf 1987 twee jaar theologie. Daar moest ik vanwege een operatie echter weer mee stoppen.  Ik moet dat misschien uitleggen. Als de Heere in het leven van iemand komt, dan wil iedereen wel dominee worden.
Zo lag het bij mij ook! En toen ik hierover met mijn predikant sprak, zei hij: ‘Ga dan toch theologie studeren’.
Maar ja, met een LBOdiploma is dat een zware taak die in 1989 op wonderlijke wijze is afgebroken.
De dag dat ik een tentamen moest inhalen, moest ik namelijk ook opgenomen worden inhet ziekenhuis voor een operatie aan mijn
knie.”
Zeven arbeidzame jaren volgden in de zorg.
Marius: „Daarna, vanaf 1998, werkte ik een poosje in het onderwijs, maar ik kreeg toen een psychische klap, waardoor
ik ook dat werk moest beëindigen.”
In 2002 verhuisden Marius en zijn vrouwnaar Papendrecht.
„Hierna heb ik ook bij Adullam nog een poosje werkzaamheden verricht. Tegelijkertijd werkte ik alspostbode tot oktober 2013.
Dat heb ik lang kunnen volhouden, maar het laatste jaar werd dat niks meer en nu zit ik thuis.
Ik heb nu alle tijd voor mijn vroegere ‘hobby’: het verzamelen van allerlei artikelen die met het kerkelijke leven te maken hebben
en die me treffen.”
website
De aanleiding tot het digitaal publiceren was voor Marius dan wel wat droevig, maar het waren de mensen om hem heen
die hem aanmoedigden om datgene wat hij allemaal al had verzameld, en gerubriceerd, te gaan publiceren. „Naarmate de tijd
vorderde, kwam ik tot de overtuiging dat ik het verzamelde ook niet allemaal voor mezelf moest houden, maar dat ik er
anderen ook een dienst mee kon bewijzen. Tot iemand me op het idee bracht om het allemaal op een website te plaatsen. Ik
vermoedde dat zoiets veel kosten met zich zou meebrengen, maar dat valt erg mee. In 2009 was het zo ver dat een professionele
website de lucht in kon gaan. Deze website heeft er daarna niet meer uitgelegen en wordt nu door een wekelijks toenemend
aantal bezoekers bezocht. De gratis e-mail voor lezers gaat op dit moment naar 1.032 e-mailadressen en bijna dagelijks mag ik
nieuwe lezers inschrijven.”
Kerkelijke Jaarboeken
Die bezoekers en lezers komen niet zomaar aanwaaien. Marius bedacht diverse manieren om mensen voor zijn website te
interesseren.
„Je leest kerkbodes en krijgt jaarboekjes van verschillende kerken, waar ontzettend veel e-mailadressen invoorkomen.
Die zijn allemaal van mensen die tot mijn doelgroep behoren. Zo ben ik aan honderden e-mailadressen gekomen.
Nu bemerk ik dat mensen mijn e-mailtjes doorsturen en anderen attent maken op het bestaan van de website. Nog steeds
verstuur ik op die manier tientallen mails met een oproep om ‘lezer’ te worden. Als mensen daartoe besluiten, krijgen ze
elke week een e-mail met daarin diverse (actuele) artikelen. Maar ook artikelen die eerder gepubliceerd zijn, waarvan ik
vind dat ze nog eens onder de aandacht mogen gebracht worden. Zo heb ik de hele discussie rondom het SOW-proces
in diverse artikelen gearchiveerd en kunnen mensen me om bepaalde artikelen ook vragen,” aldus Marius.
Al deze werkzaamheden zijn voor Marius inmiddels soms een dagtaak.
Reacties
Zijn publicaties leiden niet altijd tot enthousiaste reacties.
De websitebeheerder:
„Ik heb een poosje geprobeerd een gastenboek bij te houden, maar dat werd niks. Je moet dan soms reacties
tegenhouden, waarvan je vindt dat ze écht niet kunnen of je krijgt spam te verwerken.
Nu krijg ik ook wel een enkele keer een negatieve reactie, maar diegene kan ik dan persoonlijk te woord staan. Een enkele keer
kreeg ik een dreigement te verwerken. Dat komt ook voor in reformatorisch Nederland.
Maar ik heb ook heel mooie reacties van mensen gekregen. Soms mensen die de nood van hun bestaan vertellen. Af en toe
werd onze e-mailwisseling door de preek van ’s zondags bevestigd. Een jongen van 23 jaar die zijn persoonlijke verhaal aan
me vertelde, zei dat hij door veel strijd de Heere had leren kennen. Ik bemerkte daardoor opnieuw dat de Heere óók in
Nederland nog werkt! Ach, ik vind het mooi dat ik dan een ‘middeltje in Zijn hand’ mag zijn en in zulke omstandigheden soms ook
wat leiding mag geven, ook al heb ik geen gemeente. Met de website en de e-mails heb ik wel een breed theologisch terrein.”

Levensverhaal

Marius heeft verder zijn persoonlijke levensverhaal  op de website geplaatst, mét kanttekeningen daarbij:
‘Zijn Naam moet eeuwig eer ontvangen. En dan doet mijn naam niet meer mee, al mogen we nooit vergeten dat de
Heere mannetjes uit het stof verrezen nog wil gebruiken om Zijn Naam bekend te maken onder de volken,
zowel hier in ons land, alsmede tot aan het uiterste der aarde. Ik hoop dat de Heere mij bewaren zal voor
zelfbedoelen als we Zijn Weg met ons op deze manier met u en jullie willen delen, maar dat het nog mag uitdrijven tot Hem
Die Zich ook over zo’n mens als ik ben, heeft willen ontfermen. De Heere beware mij er ook voor om deze weg als meetlat
aan te leggen bij u en jullie. Want gelukkig zijn het niet alleen goddeloze Manasses die tot bekering komen,
maar ook vrome Saulussen. Zul(t) u en jij nooit wanhopen aan de Heere?’

Interkerkelijk
Vorig jaar organiseerde Marius een ‘lezersdag’, waarvoor hij predikanten uitnodigde uit verschillende kerkverbanden.
„Ik denk interkerkelijk en daarom werd het eenpredikant uit de Protestantse Kerk in Nederland, één uit de Hersteld Hervormde Kerk
en één predikant van de Christelijk Gereformeerde Kerk. Een predikant uit de Gereformeerde Gemeenten moest wegens ziekte
afzeggen. Ik wil mijn lezers daarmee zeggen dat wij over kerkmuren heen moeten zien. Ik heb ook lezers uit de Vrijgemaakt
Gereformeerde Kerken. Maakt dat iets uit?
Er reageerde ooit een gevangenispredikant op één van de stukjes die ik stuurde met de vraag of hij het mocht gebruiken voor de
gevangenen. Het mooie is dat ik slechts één keer de opmerking heb gekregen dat ik in de keuze van artikelen wat te eenzijdig zou
zijn geweest.”
Betekenis
Maar wat is dan het criterium dat Marius gebruikt bij zijn selectie? „Puur het feit of ik erdoor getroffen ben en de verwachting
dat dat bij anderen ook zo zal zijn. Dingen die het waard zijn om te lezen. Ik probeer wekelijks een Word-bestand met
zo’n tien artikelen of delen van artikelen te verzenden. Die typ ik allemaal over. Soms sla ik een week over, wanneer ik op
vakantie ben of ziek ben. Ja, dan stopt het even. Ik laat de lezers dan wel even weten wat er aan de hand is, anders krijg ik zo
veel vragen.”
Een enkele keer heeft Van der Valk ook een lezersbijeenkomst en een lezersactie georganiseerd voor een goed doel. Dat
leverde niet altijd het gewenste resultaat op.
Marius: „Dan moet je weer van je voetstuk af en is het alsof er gezegd wordt: ‘Je moet er tussenuit. Het gaat niet om jou’.”
Speelt het feit dat hij van betekenis wil zijn voor anderen niet mee in al zijn
werkzaamheden?
„Jazeker. En het betekent ook een mooie dagvulling voor mij. Mijn vrouw en ik zijn samen en ik heb er daarom
ook wat meer tijd voor dan iemand met een gezin. Bovendien is het opdoen van allerlei contacten ook heel mooi. Eerlijk gezegd
doet het me dan ook wel weer goed als je waardering voor je werk krijgt,” bekent de
veertiger.
Site
Wie de website bezoekt – www.vandervalkkerknieuws.nl – ziet berichten variërend van de Veluwse Kerkbode en het kerkblad
van Hersteld Hervormde Gemeenten op Goeree Overflakkee tot kerkbladenvan de Gereformeerde Gemeenten en
Oud Gereformeerde Gemeenten. De websitebeheerder vermeldt over lezers in Canada, Amerika en andere buitenlandse
landen. De kerkelijke samenstelling is groot. De lege rubrieken (boekbespreking, kerkbodes, concertagenda) laten zien,
dat Marius nog plannen genoeg heeft.
„Gelukkig heb ik nu een Neerlandicus onder mijn lezers, zodat ik tips krijg hoe ik het schrijfwerk kan verbeteren. En ja, ik moet
er ook op letten dat het niet allemaal wat te grijs wordt,” concludeert hij. „Werk genoeg
 
Interview RD vrijdag 3 oktober 2008. copyright RD
 
De sloot is dieper uitgegraven en er staat bijna geen water meer in. Verder is het strakke landschap tussen Nieuwe-Tonge en Middelharnis onveranderd sinds 20 augustus 1985. Die dag staat Marius van der Valk uit Papendrecht (41) in het geheugen gebrand. Een bromfietsongeluk veranderde zijn leven radicaal. Niet alleen maatschappelijk, maar ook geestelijk.
 
 
Door Gijsbert Wolvers
De 18-jarige Marius van der Valk uit Nieuwe-Tonge is een jongen als vele anderen. „Ik had leao gedaan, werkte bij een supermarkt in Stellendam, had een brommer en was alleszins godsdienstig.”
Hij kerkt met zijn ouders in de hervormde gemeente in zijn woonplaats, waar ds. J. van den Born herder en leraar is. „Ik was altijd bezig met de dingen van Gods Koninkrijk. Op 18 augustus 1985 preekte ds. Van den Born over zondag 10 van de Heidelbergse Catechismus, dat je in voorspoed dankbaar en in tegenspoed geduldig moet zijn. Die avond viel de duivel me enorm aan. Ik dacht: Er is geen God en vroeg: God, als U dan bestaat, wilt U mij een teken geven? Ik kreeg het antwoord: Deze week zul je in het ziekenhuis bekennen dat Ik er ben.”
Dinsdag 20 augustus is een vrije dag voor Marius. De zon schijnt. Hij heeft zijn bromfiets laten repareren - de remkabels waren stuk. Als hij voor een boodschap naar Middelharnis vertrekt, doet hij twee keer een knoop in de kinband van zijn helm. „Waarom doe je dat?” vraagt zijn moeder. „Voor de zekerheid, ik maak ook wel eens het riempje niet zo goed vast.”
Marius volgt met zijn brommer de parallelbaan van de Langeweg naar Middelharnis. Bij een van de laatste kruispunten slaat een auto vanuit Middelharnis van de Langeweg af en draait de Parallelweg op. Marius mindert vaart, de bejaarde automobilist ook; hij moet Marius voorrang geven. Béíden denken van elkaar dat ze voorrang krijgen en geven weer gas. De auto schept Marius. „Een toeschouwer zag mij met brommer en al over de auto heen vliegen, zo krampachtig hield ik mijn brommer vast. Pas toen ik in de sloot neerkwam en mijn linkerknie de hete uitlaat raakte, liet ik los.”
In het ziekenhuis blijkt dat Marius’ bovenbeen gebroken, zijn knie verbrijzeld en zijn linkeronderbeen verlamd is. „Mijn hele carrière viel in duigen. Ik zou een opleiding gaan doen om chef te worden. Mogelijk zou ik zelf een filiaal gaan leiden, maar door het verlamde onderbeen vielen al deze plannen in duigenxx. De artsen zeiden: Je zult binnenkort in een rolstoel terechtkomen.”
Geestelijk is het echter een goede tijd voor de jonge Marius. „Ik werd erg bemoedigd door de boetewoorden van Psalm 130. Ik ervoer dat het zonde was om aan het bestaan van God te twijfelen. Vanuit de diepten riep ik tot God, en Hij was mij tot troost en steun. De berijming van deze psalm, het vers ”Ik blijf den Heer’ verwachten”, hielp mij, maar ik vertelde het tegen niemand. Toen kwam ds. Van den Born op bezoek. Hij gaf mij een tegeltje waarop precies die regel staat: Ik blijf den Heer’ verwachten.” De inhoud van dat tegeltje is voor mij van onschatbare waarde geworden.”
Marius verblijft drie weken in het ziekenhuis. Dan volgt een lange periode van revalideren. De spierkracht in het onderbeen komt terug, maar de voet blijft verlamd. Specialisten in ziekenhuizen uit Rotterdam en Dirksland zeggen Marius: „Iets wat verlamd is, komt nooit meer goed.”
Ook de fysiotherapeute heeft na ruim een halfjaar geen hoop op herstel. Op 5 maart 1986 zegt ze dat ze niet meer weet wat ze moet doen. Als ze die dag opnieuw een elektrisch apparaat op de voet aansluit, krijgt ze telefoon. „Toen ze terugkwam, zei ze: „Wat ben je aan het doen?” Ik bewoog mijn voet. Ze zei: „Ik geloof nergens in, maar dit is een wonder.”” Marius krijgt de macht over zijn voet terug, hoewel nog enkele operaties nodig zijn. Hij kan na verloop van tijd zelfs het aangepaste schoeisel laten staan.
Zijn zwakke knie is echter wel een handicap in Marius’ loopbaan. Terugkeer bij de supermarkt blijkt niet mogelijk. Een reeks aan banen en baantjes volgt. Veelal blijkt de knie het probleem waardoor Marius het niet kan volhouden. Momenteel is hij in deeltijd thuiszorgmedewerker en postbode; zijn vrouw Anita zorgt voor het hoofdinkomen. „Het liefst zou ik iets met mensen doen, met ouderen of met kinderen.”
Ondanks deze maatschappelijke moeiten is Marius dankbaar voor de ommekeer die zich in 1985 in zijn leven voltrok. „God heeft me toen geholpen. Gelukkig is die God niet veranderd. Hij zal mij ook onderwijzen in de weg die ik in de toekomst gaan moet.”
Dit is de vijfde aflevering van een serie waarin RD-lezers herinneringen aan een bijzondere gebeurtenis ophalen.




Datum: 17-01-2004
Vechten tegen vooroordelen

Ad Ermstrang
Honderden keren solliciteren. Al is de brief nog zo goed en de opleiding perfect, de alinea over een depressieve periode of andere arbeidshandicap doet het epistel meestal in de prullenbak belanden. Maar zwijgen over psychische problemen heeft ook grote risico's. Trudy van der Boom-Los van centrum voor arbeidstraining en begeleiding bij reïntegratie De Doorgang in Dordt spreekt van een dilemma. "Je ziet daardoor veel mensen na verloop van tijd wegzakken. Ze zijn bij veel werkgevers sluitpost, ondanks alle mooie woorden en prima regelingen. Maar wij geven het niet op."

Enigszins sollicitatiemoe is Marius van der Valk (36) uit Papendrecht. "Ik heb in de loop der jaren zeker 500 brieven gepost. Van Terneuzen tot Zwolle. Maar zonder echt resultaat."
Van der Valks verhaal begint al in 1985. Drie maanden na het behalen van zijn diploma verkooprichting aan het lbo kreeg hij een ernstig brommerongeluk. Een langdurig revalidatieproces mondde uit in knieproblemen, die zich in de jaren daarna meerdere malen herhaalden. "In 1990 kwam ik als civiel medewerker in dienst van een verpleeghuis. Een aardige baan, maar niet voor altijd. Dacht ik. In 1994 kwamen de knieproblemen echter terug en enkele jaren daarna lieten de kniebanden los. Ik ging ziekenhuis in, ziekenhuis uit en kwam uiteindelijk op een wachtlijst voor een operatie. Ondertussen zou Cadans (een uitkeringsinstantie, AE) volgens eigen zeggen mij overal bij helpen. Niet dus. Als ik echter zelf geen actie had ondernomen, zat ik nog te wachten."
Door bemiddeling van een reïntegratiebureau kon Van der Valk eind jaren negentig voor zes maanden als onderwijsassistent in Delft aan de slag. "Voor de school was het financieel interessant, voor mij was het qua werk de leukste tijd van m'n leven." Na deze periode volgde de operatie en vervolgens weer een tijdlang revalidatie. Hij raakte langzamerhand psychisch steeds verder in de put. Een korte periode als onderwijsassistent op een Gorcumse school liep op niets uit. "Na zes weken werd daar al gezegd dat het niet goed ging. Zonder argumenten", aldus Van der Valk, die meent dat de schoolleiding erop uit was via de Wet REA, de reïntegratiewet die verschillende financiële voordelen biedt bij het inzetten van arbeidsgehandicapten, "er zelf beter van te worden."
Financieel kan hij, dankzij het inkomen van zijn echtgenote, wel rondkomen, maar het leven valt hem soms zwaar. "Zo is me in het verleden vanuit mijn omgeving gezegd dat "wij voor jou moeten betalen." Vrienden hebben wel eens opgemerkt dat ik maar "moest gaan werken, dan gaat het wel goed met die psychische toestanden."
Inmiddels kibbelen verschillende arbeidsdeskundigen nu over de vraag welk werk hij wel en welk werk hij niet aankan. Na twee jaar thuiszitten, start Van der Valk binnenkort met steun vanuit De Doorgang met onder meer wat postwerkzaamheden voor Selectmail. Hij geeft het evenwel niet op. "Ik blijf solliciteren."
Ook Van der Boom vindt het bij de pakken neerzitten de slechtste oplossing. "Maar de praktijk leert wel dat het steeds moeilijker wordt als je er een langere periode uitligt. Dat proberen wij dan weer met behulp van trainingen te doorbreken."
De negatieve beeldvorming en onkunde bij werkgevers zijn de belangrijkste hobbels bij de reïntegratie, zo bevestigt het hoofd van De Doorgang de deze week uitgebrachte rapportages. "Werkgevers zouden eens wat meer moeten nadenken, want er zijn talloze mogelijkheden en nauwelijks risico's." copyright RD

 

Kerk zamelt handtekeningen in voor christelijk Irans asielzoekersgezin

 

ALBLASSERDAM – De Iraanse asielzoekers Mehrdad, Soheila en Sunny wonen al zo’n tien jaar in Nederland en hebben zich vier jaar geleden van de islam bekeerd tot het christendom. Als het aan de IND ligt, moeten de Alblasserdammers alsnog terug naar hun eigen land. Veel leden van de Grote Kerk in Alblasserdam vinden dit niet kunnen en hebben al massaal hun handtekening gezet onder een brief van de kerkenraad aan de rechtbank. Frans Hoek, predikant in de PKN-gemeente, vindt het absurd: “Deze mensen zijn al heel lang in Nederland, hebben hun dochtertje hier laten herbegraven, en lopen enorm gevaar in hun eigen land, waar christenen nauwelijks geaccepteerd worden. Het zou absurd zijn als zij terug moeten. Ik zou er bijna voor in hongerstaking gaan,” aldus de dominee.  

 
Van links naar rechts: Mehrdad, Sunny, Soheila.

Christelijk
Uiteindelijk kregen de drie rusteloze reizigers een huis aangeboden in Alblasserdam door de Stichting Noodopvang Papendrecht. “We kwamen terecht in de Cornelis Smitstraat naast christelijke buren. Omdat we graag extra hulp wilden en goede ervaring hadden met christenen in Papendrecht, vroeg ik om de grote kerk van Alblasserdam. Ik bedoelde gewoon groot in de letterlijke zin van het woord, maar de buren dachten direct aan de kerk aan het Cortgene. Ik had het de eerste zondag (juli 2006) wel moeilijk, want ik dacht: doe ik nu geen zonden tegen Allah? Zou dit wel mogen? Maar toen had ik voor mezelf de oplossing gevonden. Ik dacht: de kerk is een plekje om met God te praten. Dus ik kan gewoon tot Allah bidden,” vertelt Mehrdad.
Dopen
Niet veel later hebben Soheila en Mehrdad zich, na het volgen van geloofslessen en het ontvangen van pastorale zorg, laten dopen. Ook Sunny is christen geworden: “In het AZC in Papendrecht ging ik regelmatig met een christelijke man om. Hij hielp ons en heeft me veel over de kerk verteld. Eerst zeiden we: ‘Praat alsjeblieft niet over je Jezusgeloof, want wij zijn moslim.’ Later ben ik ook mee naar de kerk gegaan en ga ik regelmatig naar de Iraanse Christelijke gemeenschap in Haarlem en bezoek Christelijke jongeren kampen van Stichting Gave,” aldus Sunny.
Land uit gezet
Dit jaar heeft het gezin te horen gekregen dat ze echt het land moeten verlaten, omdat er geen zwaarwegende redenen zouden zijn om hier te blijven. Dinsdag 14 december wordt door de rechter het vonnis uitgesproken. Kees Brinkman, de initiatiefnemer van de handtekeningenactie vindt het vreemd dat het gezin na tien jaar alsnog het land uitgezet wordt: “Het is in Iran erg gevaarlijk voor christenen. Op een algemeen erkende wereldranglijst (van Open Doors) staat Iran op de tweede plaats. Alleen Noord Korea gaat Iran nog voor op het gebied van Christen vervolging. Maar de IND beroept zich op officiële documenten uit 2007 waarin staat dat dit geen reden kan zijn om niet uitgezet te worden.”

 

Van links naar rechts: Sunny, Soheila, Mehrdad en dominee Frans Hoek.
Mehrdad (42) vluchtte in het jaar 2000 als politiek vluchteling vanuit Teheran naar Nederland. Hij was het niet eens met het heersende regime in zijn land en liep daardoor gevaar. Zijn vrouw Soheila(43) zoon Sunny(21) en dochter Saghi(toen 12 jaar) deden twee jaar later een vluchtpoging. Tijdens deze moeizame tocht overleed het dochtertje door uitputting en onderkoeling. Saghi werd begraven in Sofia (Bulgarije). Door een samenloop van ongelukkige omstandigheden mocht Mehrdad Nederland niet uit, waardoor hij de begrafenis van zijn dochtertje niet kon bijwonen. 12 mei 2010 is Saghi herbegraven op de begraafplaats van Alblasserdam.
In de Shell…
In 2005, toen het gezin in een asielzoekerscentrum in Papendrecht woonde, oordeelde de Immigratie –en Naturalisatiedienst (IND) dat het gezin zonder goede redenen in Nederland verbleef en beval de Iraniërs terug te keren, naar hun eigen land. “We hebben toen besloten om in België asiel aan te vragen. Naar ons eigen land terug was te gevaarlijk. Maar in België aangekomen werden we direct opgepakt. Ze vroegen of we naar de ‘Shell’ wilden. Wij begrepen dit niet en zeiden dat het goed was. Later bleek dat het om de cel ging,” grinnikt Mehrdad, omdat hij achteraf de humor van het misverstand wel kan inzien.
Huilen
De drie immigranten hebben vervolgens een tijd lang gescheiden van elkaar gevangen gezeten. “Ik zat in een heel klein hokje van een paar meter en kreeg af en toe wat eten toegestopt. Ik wilde erg graag bij mijn man zijn, maar dat mocht niet. Ik moest daar heel vaak huilen,” vertelt Soheila. Na een half jaar vreemdelingendetentie; ze waren immers illegaal in Nederland, werd het gezin op straat gezet.
Generaal pardon
Doordat het gezin heel even het land heeft verlaten (naar België) vallen de Alblasserdammers net niet onder de generaal pardon regeling die in 2007 van kracht werd. Een voorwaarde om binnen deze regeling te vallen is dat iemand vanaf 2001 onafgebroken in Nederland is geweest. “Dat zijn ze niet geweest en dat is hen noodlottig geworden,” vertelt Brinkman.  De rechtbank beslist in december dus over twee dingen: Kan het gezin als christen in Iran veilig wonen? En: Kan het gezin alsnog onder de generaal pardon regeling vallen, omdat het hen moeilijk kwalijk te nemen is dat zij in België een poging waagden.
Handtekeningen en brieven
Het doel van de handtekeningen en persoonlijke brieven die Brinkman inzamelt is om het dossier te laten opvallen. “Het moet geen standaard dossier worden. En eigenlijk willen we met deze actie proberen de rechtbank te beïnvloeden. Ik weet dat dat officieel niet kan, maar we hopen op een wonder en geloven in de kracht van het gebed,” aldus de initiatiefnemer.

Zitting Almelo
De zitting in Almelo ligt achter ons.
In uw meeleven bent u natuurlijk benieuwd hoe het is gegaan. Dat laat zich niet zo makkelijk uitleggen.
De rechter was goed geinformeerd (gaf er blijk van diverse details te kennen) en nam alle tijd om zich verder op de zaak te orienteren.

Het Christenzijn was geen enkel probleem, dat stond niet ter discussie. Er was alleen een probleempje over het bewijs van belijdenis/doop. Aanvankelijk was een belijdenisbewijs afgegeven maar voor de rechtspraak is een doopbewijs belangrijker. (Een volwassene krijgt in onze kerk geen doopbewijs maar een belijdenisoorkonde). Dit kon makkelijk worden uitgelegd.

Veel tijd werd gegeven aan een deskundige van onze kant om de de situatie voor Christenen in Iran uit te leggen.

Daarnaast was er veel juridisch gedoe tussen de advocaat, de rechter en de vertegenwoordiger van de IND. Opvallend hierbij was dat de vertegenwoordiger van de IND nog al eens met de mond vol tanden zat. (Toen wij nadien spraken over de hand van God in dit proces zei Soheila dat het leek of God de mond van de IND soms gesloten hield).

Door het proces heen kon keer op keer het schrijnende van de situatie worden uitgelegd (zoals b.v. de reis naar in Belgie). Ergens liet de rechter zich ontvallen dat "er duidelijk een probleem lag".
Ten slotte kon Mehrdad prima tot uitdrukking brengen hoeveel angst (t/m nachtmerries toe) zij hebben bij het idee terug te moeten naar Iran, kon Soheila haar smeekbede tot de rechter richten om een positieve uitspraak en kon Sunny getuigen van zijn groeiende geloof in Jezus Christus.  

De rechter sloot af met de formele gang van zaken. Dat betekent in dit geval dat ergens in januari er een uitspraak komt (een termijn van maximaal 6 weken).

Alles overziend was er een positieve grondhouding van de rechter en werd er veel meer tijd gebruikt dan gepland (1 uur en 3 kwartier i.p.v. een half uur).
Of dat alles genoeg is voor een positieve uitspraak weet ik niet. Een positief gevoel enerzijds en wetten en regels anderzijds verhouden zich niet altijd met elkaar.

De tijd van wachten is aangebroken en dat brengt ons in de volgende gebedsfase:
1.  1. Danken voor een in onze ogen goed verlopen dag (inclusief goed weer en een voorspoedige reis)
2. Bidden om
kracht voor de periode van afwachten op de uitspraak
3. Bidden om Gods leidende hand nu de rechter de uiteindelijke uitspraak gaat voorbereiden
4. Bidden voor Mehrdad, Soheila en Sunny en laten we bij dit alles de lijdende kerk in Iran niet vergeten.

Inmiddels kan ik u en jullie melden dat dit gezin eindelijk een verblijfsvergunning heeft ontvangen en in ons land mag blijven!